Het wil weleens laat worden op een oefenavond bij post Mijnsheerenland/Westmaas. Oh nee, niet omdat de oefening veel meer tijd kost dan gepland: de officiële tijd is van acht tot tien uur. 'Daarna begint het officieuze gedeelte, dan zitten we met een hapje en een drankje bij elkaar. En dan wordt het gauw half twaalf, twaalf uur', lacht Martijn Kleibergen, behalve manschap ook chauffeur, bevelvoerder en instructeur. Het tekent de goede sfeer bij de post.
'Ja, qua sfeer is het een supergezellige ploeg. We doen heel veel dingen met elkaar. Zoals barbecue-avondjes met de partners erbij, want die proberen we er ook bij te betrekken. We doen heel veel samen met post Klaaswaal, omdat zij ons regelmatig helpen met personeel - en vice versa.'
Al begint de avond 'officieel' pas om acht uur, de eerste collega's ziet Martijn al vanaf kwart over zeven, half acht binnendruppelen. 'Op gemakje bijkletsen met z'n allen. Effe gezellig onder elkaar, met een kopje koffie.' Om daarna over te gaan tot het echte werk. 'Om acht uur starten we in het sterke pak, zoals we altijd zeggen. Per avond hebben twee oefenleiders iets uitgezet, binnen of buiten. Dat kan een auto openknippen zijn. Dat kan ook oefenen met brand zijn in een slooppand dat we vol met rook zetten.'
De circa vijftig uitrukken per jaar zijn nét te behappen voor de ploeg van negentien koppen. Martijn, zelf vrijwilliger sinds 1999: ‘Maar je moet ook rekening houden met de mensen die tegen hun brandweerpensioen aanzitten. Daarom zijn we actief bezig met de wervingscampagne.'
Wel weten waar je aan begint
De gezelligheid van de oefenavonden moet zéker een pre zijn voor geïnteresseerden. Maar, zegt hij eerlijk, 'je moet wel weten waar je aan begint. Het kan ook weleens gebeuren dat de pieper gaat op het moment dat je met je vrouw boodschappen wilt gaan doen. Dat soort dingen moeten dan wachten. Er zitten leuke kanten aan het vrijwilliger zijn, maar ook minder leuke.'
En die leuke kanten zijn? 'Leuke dingen zijn vooral de uitdagende dingen. Dingen die niet alledaags voorkomen, bijvoorbeeld een paard in de sloot. Dan is het soms van: hoe ga ik die er nou weer uit krijgen, hoe ga ik dát nou weer oplossen?'
Elkaar blindelings vertrouwen
Zelf houdt Martijn het al meer dan een kwart eeuw vol. 'Om de saamhorigheid binnen de club. De verschillende mensen met wie je te maken hebt. Iedereen heeft een eigen achtergrond. En iedereen gaat voor hetzelfde doel: je honderd procent inzetten voor de burger. We kunnen elkaar blindelings vertrouwen. Als je samen met iemand een brandend huis binnen gaat, en die collega wil ineens iets anders gaan doen en loopt weg - dat willen we ab-so-luut niet. Je gaat ergens naartoe met zes man en je wilt ook met zes weer terugkomen.'
Brandweer Zuid Holland Zuid © 2025