Jaap Groeneveld heeft zo'n beroep waarin hij overdag niet altijd op de pieper kan reageren. 'Als ik bij iemand een aanbouw maak en de hele achtergevel ligt eruit, zullen ze niet heel blij zijn’, lacht de timmerman uit Strijen. Hij compenseert het met diensten in de avond, de nacht en het weekend. En als hij in zijn geboortedorp Oud-Beijerland aan de slag is en het komt uit, als 'opstapper' voor de ploeg daar. 'Het is voor mij een leuke hobby. En post Strijen is een leuke club, dat is ook wat waard.'
Dát Jaap het tot vrijwilliger heeft geschopt, heeft-ie trouwens voor een groot deel te danken aan die 'leuke club'. 'Ik ben een mannetje van de praktijk. Met mijn handen kan ik alles. Maar dat leren achter een boek... Dat is nu gelukkig wel anders tijdens de opleiding, met filmpjes, vragen en opdrachten. Superfijn. Op de post ben ik heel goed geholpen door de collega's. Dat heeft mij zó goed gedaan, om te weten dat ze zó achter je staan. Ik waardeer het nog steeds. Ik ga nog elke keer met plezier naar een oefening of een uitruk, als je snapt wat ik bedoel. Ik had nooit verwacht dat ik zo ver zou kunnen komen.'
‘Ze willen je allemaal helpen’
Al scheelt het dat hij al een half jaar met de aanstaande collega’s meeliep, vóór zijn opleiding. 'Ze lieten me alvast meekijken en meedoen met dingen. "Hier Jaap, trek een pak aan en ga maar gewoon mee." Je hebt dan al een voorsprong. En je leert de groep kennen. Ze willen je allemaal helpen, ze staan allemaal voor je klaar. Je kunt wel een heel grote post hebben, maar bij ons gunnen ze het mekaar. Je hebt ook collega's die wat verder weg wonen. Als jij dan net drie uitrukken hebt gehad, en er komt net een collega wat later binnen, dan is het: joh, ga jij maar een keertje mee, ik ben net geweest. Het is geen haantjesgedrag. Dat is ook wat waard.'
Eerste reanimatie blijft je bij
Bij de vrijwillige brandweer belandde Jaap via zijn vader. 'Toen ik klein was, gingen we al naar wedstrijden kijken. Het trok mij gewoon. Ik vond het leuk.' Ook al weet hij na een paar jaar vrijwilliger zijn dat het niet altijd leuk is. 'Wat ik nooit vergeet is mijn eerste reanimatie. Een bekende. Dat zijn dingen die je altijd bijblijven. Na elke inzet is er daarom nazorg: zijn er nog dingen die anders hadden gemoeten of waarmee we zitten? Heeft er nog iemand wat op zijn hart? Als mensen ergens mee zitten, gooien ze het bij ons makkelijk op tafel. Het is belangrijk dat je je durft uit te spreken.'
Brandweer Zuid Holland Zuid © 2025